Antistatische kledij
Explosieveiligheid
Wanneer moet je wel of niet antistatische kledij dragen, we lijsten alles even op.
In ATEX-zones is het dragen van antistatische kleding niet in alle gevallen verplicht. De IEC 60079-32-1 bevat een tabel die aangeeft wanneer antistatische kleding verplicht, aanbevolen of niet noodzakelijk is. Dit hangt af van de aard van de zone (0, 1, 2 of 20, 21, 22), de MIE (minimum ontstekingsenergie) en de kans op elektrostatische oplading.
Voor een correcte beoordeling raden we aan om deze norm te raadplegen, met name paragraaf 11.5 met onderstaande tabel.
Bijkomend dient de kleding zo aansluitend mogelijkte zijn en mag niet worden uitgetrokken of losgemaakt in zones waar een ontvlambare atmosfeer kan voorkomen (bijv. Zone 0, Zone 1, Zone 20 en Zone 21).
Het dragen van antistatische schoenen is in ATEX-zones doorgaans wél verplicht. Alleen voor zone 22 kan de noodzaak in sommige situaties nog nader onderzocht worden.
De ATEX 153-richtlijn (bijlage 2) stelt dat bij het voorkomen van ontstekingsgevaar ook rekening moet worden gehouden met elektrostatische ontladingen afkomstig van werknemers of de werkomgeving. Werknemers moeten daarom passende werkkleding krijgen die geen elektrostatische ontladingen veroorzaakt die een explosieve atmosfeer kunnen ontsteken. Op basis hiervan zou men kunnen concluderen dat antistatische kleding in principe altijd vereist is.
In artikel 4 van de ATEX 153-richtlijn staat dat de werkgever een beoordeling moet maken van de specifieke risico’s van explosieve atmosferen. Hierbij moet minimaal rekening worden gehouden met:
- de waarschijnlijkheid dat een explosieve atmosfeer voorkomt en blijft bestaan;
- de kans dat ontstekingsbronnen, inclusief elektrostatische ontladingen, aanwezig zijn en kunnen ontsteken;
- de gebruikte installaties, stoffen en processen en hun onderlinge wisselwerking;
- de mogelijke gevolgen van een explosie.
De explosierisico’s moeten in hun geheel worden beoordeeld. Dit betekent dat — in relatie tot de gevarenzone — gekeken moet worden naar zowel de kans op oplading als de kans op daadwerkelijke ontsteking. Op basis van deze risicobeoordeling kan worden bepaald of het dragen van antistatische kleding noodzakelijk is. Dit gebeurt aan de hand van een ontstekingsbronnenanalyse (IHA).
Bijkomend geldt volgens VLAREM 5.17.4.1.7 §4 dat er aangepaste kledij en schoenen gedragen te worden die geen vonkoverslag kunnen geven.



